Dongen ,s Gravenmoer, Klein-Dongen , Dongen – Vaart , kerstweekend
2014.Met een beetje goede wil gebeuren er rond de kerstdagen en het
vrije weekend daarna geen wereldschokkende dingen in het dorp. Onze
burelen zijn daar ook even niet op ingesteld .We zijn er wel ,maar
houden het een beetje rustig . Mocht er überhaupt wel nieuws wat
heel Dongen wil weten zijn staat het wél in de krant . Om deze
traditioneel rustige dagen voor de krant te overbruggen heeft de
redactie een kort verhaal uit 1987 in de archieven gevonden dat niet
schokkend is ,maar wel enige spanning breng voor een kwartiertje
leesplezier met een verrassend einde. Elke gelijkenis met de
werkelijkheid in het verhaal en namen van personen of situaties
berusten louter op toeval . Een kwartiertje dorpspolitiek en een
legaat .

MET INNIGE DEELNEMING

“Goede morgen” zei de
burgemeester op z’n vriendelijkste toon,

tegen de man, die ’s avonds
waarschijnlijk de nieuwe wethouder

zou worden.

De strijd was gestreden.

De verkiezingen van de afgelopen maand
waren bijzonder goed uitgevallen

voor de man, wethouder in spe en
lijsttrekker voor de

partij, welke ook nog ’s mans naam
droeg: “Lijst Bokhoven”.

En wat gezegd moet worden, dat was een
goed gekozen naam, want

het stadje wat doorgaans erg “rood”
was, droeg heel toevallig

die naam.

Van Bokhoven groette minzaam terug.

Was hij het niet, die het de afgelopen
vier jaar het College

van Burgemeester en Wethouders erg
moeilijk had gemaakt. Ja,

soms zelfs had getreiterd en -volgens
B. en W.- beledigd.

Volgens van Bokhoven kon het in
Bokhoven allemaal veel beter

gaan als de mensen maar eens op hem
wilden stemmen. Hij was de

verkiezingsstrijd ingegaan met sterke
slogans zoals “Bokhovenaren

niet te evenaren” en “Bokhoven
vrij” en wat dacht u van deze

“Bokhoven, laat u niet beroven”.

“““““““““““““

Dat laatste sloeg op een plaatselijke
middenstander en weduwnaar,

die alle drie de supermarkten van het
stadje bezat.

En lijst Bokhoven verdacht die
middenstander ervan, dat hij gebruik

maakte van z’n monopolistische positie.
En dat was ook zo.

Nou wil het toeval, dat de man, die de
supermarkten beheerde,

ook aan politiek deed en de huidige
wethouder was.

In de verkiezingsstrijd had hij ook een
hele goede slogan:

“Bokhoven niet van van Bokhoven!”

De meeste Bokhovenaren dachten dat dat
een drukfout was en

stoorden zich er niet zo aan, zo bleek
dus uit de uitslag.

Nou was de man van de supermarkten een
vrij zelfverzekerd type,

maar omdat hij de afgelopen vier jaren
toch wat bokken had geschoten,

was hij wel voorbereid op een kleine
nederlaag.

Dat die kleine nederlaag hem toch drie
zetels had gekost, had

hij nooit verwacht.

De mensen van Bokhoven bleven toch in
z’n zaken boodschappen

doen, gewoon omdat er geen andere
winkels waren…-.

Ook van Bokhoven kon niet buiten de
man. Dat zou ook later in de

politiek zo blijken.

Die avond pakte boven Bokhoven donkere
wolken zich samen;

’t was ook zo warm geweest die dag.

Bijna 30° had de thermometer
aangegeven rond 14.00 uur.

Het was ook nu – tijdens de
raadsvergadering – nog erg warm.

De gemoederen waren ook al hevig
verhit.

“Dame, mijne heren, met gemengde
gevoelens zit ik deze laatste

en tevens eerste raadsvergadering
voor”. Een zenuwachtig lachje

kwam rond z’n wangen tevoorschijn. De
burgemeester vond z’n

woordspeling wel grappig. Hij bleek
daarmee de enige te zijn.

“Vier jaren lang heeft de raad in
de huidige samenstelling veel

leed en vreugde gedeeld”.

Het zweet gutste de burgemeester, maar
ook de meeste raadsleden

van het voorhoofd, behalve van
Bokhoven, die het gedeelte voor

de pauze en de beëdiging nog op de
tribune had plaats genomen.

Terwijl de burgemeester gemeende,
gemene en niet- gemeende of

gemene woorden of geluiden voortbracht,
dwaalden de gedachten

van van Bokhoven of naar heel andere
dingen. Hoe zou hij de vier

jaren in de gemeenteraad nou waar maken
wat hij had beloofd….

en hoe zou het nou met Riekie zijn. Dat
laatste was wel het

ergste wat hem zichtbaar kwelde.

Riekie was pas 23, knap en lief,
geraffineerd. De vrouw van van

Bokhoven was al 49 en had van dat alles
maar zeer weinig.

De vrouw van van Bokhoven had ook maar
weinig erg of notie van

het feit, dat haar man en Riekie samen
wat hadden. Integendeel.

Vol trots, die ook wel gepast was, keek
ze naar het profiel van

haar man z’n gezicht. Met de weinige
mensenkennis die ze had,

zag ze alleen maar ’n tikkeltje zorg op
z’n gezicht.

Maar wat wil je als ie misschien wel
twee dingen tegelijk zou

worden vanavond. Raadslid maar naar
alle waarschijnlijkheid ook

nog wethouder.

En dan die eer, nu kon ze ook pronken
met de notabelen; ze was

er nu bijna zelf een. Minzaam knikte ze
links en rechts, zo

hoort dat, naar mensen op de tribune en
droomde zachtjes verder.

..(…) “ hoop ik van harte, harte,
dat het u allen , die niet

meer terugkeren in de nieuwe raad, goed
mag gaan en nogmaals

hartelijk dank voor de grote inzet. Het
ga u goed!!!”

Hier gebeurde het. Na een klein, hier
en daar geforceerd applaus

kondigde de burgemeester een pauze aan.

Iedereen ging even op de gang om bij de
provisorisch ingerichte

bar een kop koffie – voor deze
gelegenheid gratis – te drinken.

Ook de tribune was bij deze gebeurtenis
uitgenodigd.

Stom toevallig liep van Bokhoven op dat
moment Riekie letterlijk

maar ook heel figuurlijk tegen het
mooie lijf.

Riekie hield niet van politiek. Ze kwam
daarom nooit in de

raadszaal. Vanavond zou dat ook de
eerste en de laatste keer

zijn.

Wat niet zo toevallig was, dat de vrouw
van van Bokhoven de

eigenaardige blikken in de ogen van
beide botsers zag en ze

maakte zelf haar eerste scene in de
wereld van de notabelen.

“Zeg, kun je niet een beetje
uitkijken, domoor!” bitste dame

van Bokhoven richting Riekie.

“Hoezo, stom wijf! zei Riekie vol
opgekropte haatgevoelens

jegens van Bokhovens vrouw; immers
waarom zij wel en ik niet,

zo dacht zij in een flits.

““““““““““““

Gelukkig viel de klap met het handtasje
daarna nog wel mee en

hernam mevrouw van Bokhoven haar
voorname pose.

Van Bokhoven zelf wist zich tijdens dit
incident geen houding

te geven, dit tot ergernis van en z’n
vrouw en Riekie.

Hij hield zich zo afzijdig, dat Riekie
naar haar vader, de

huidige wethouder en kruidenier, liep
en mevrouw van Bokhoven

met een hoog rode kleur zich terugtrok
in het damestoilet.

Van Bokhoven verplaatst zich vlug terug
naar de raadszaal, alwaar

hij bescheiden langs de kant bleef
staan.

Weldra liep de raadszaal vol met het
afroepen van de nieuwgekozen

raadsleden door de bode. leder nieuw
raadslid werd verwelkomd

met een applaus. Bij het afroepen van
van Bokhoven kwam

het meeste applaus vanaf de tribune en
het was lang en hard!!

Immers, deze man die de afgelopen vier
jaar vanaf de tribune

raadsvergaderingen leidde en verlengde,
zat er nu zelf. Met

vier zetels naast hem, die ook door
partijgenoten werden bezet,

voortaan in een klap de grootste
partij!!

De kruidenier zat toevallig naast hem
aan de “rechtse” kant.

“Van Bokhoven, proficiat”,
zei hij met een grijns op zijn gezicht

als van een boer, die kiespijn heeft.

“Bedankt, van Grimsbergen”
zei van Bokhoven met een brede glimlach

terug. “We zullen de volgende vier
jaren toch op een of

andere manier met elkaar moeten
samenwerken”.

“Ja, of tegenwerken” bitste
de kruidenier terug.

Na afloop werd er nog wat na- geborreld
in het cafeetje naast het

gemeentehuis. Riekie was, samen met
vader van Grimsbergen, ook

naar “De Bok” gekomen.

De sfeer was er wel. Daar zorgde de
muziek en vooral de alcohol

wel voor. De sfeer was eigenlijk ietwat
gekunsteld. Want eigenlijk

konden maar weinig mensen naast elkaar
zitten vanwege weer

andere mensen.

“““““““““““““““

Van Grimsbergen zat bij toeval
tegenover van Bokhoven. Riekie

stomtoevallig naast de vrouw van de
burgemeester en schuin tegenover

de vrouw van van Bokhoven, die op haar
beurt weer tussen

de burgemeester en haar eigen man zat.

Maar na een paar borreltjes werd de
ruzie tussen gade van Bokhoven

en Riekie bijgelegd en was van Bokhoven
erin geslaagd

naast Riekie plaats te nemen.

Maar Riekie was ondanks de
wapenstilstand met mevrouw van Bokhoven

het incident en zeker niet de houding
van haar minnaar

daarbij niet helemaal vergeten. Ze stak
haar zoveelste sigaret

op. Ook na het voeren van een paar
glaasjes Martini werd het

humeur van Riekie er niet beter op. Dit
tot groot verdriet van

de nieuwe wethouder van sociale zaken,
die uit ervaring rijper

geworden, al wist, dat z’n vrouw na een
feestje altijd hoofdpijn

had en hij bezig was die avond ook bij
Riekie een blauwtje te

lopen.

Na het 8ste glaasje Martini en met de
klok tegen enen kwam de

tong van Riekie plotseling los. Half
zat hing Riekie aan de hals

van Greet van Bokhoven.

“Greet”, zei ze met vrij
dubbele tong. “Greet, jouw vent he,

jouw vent is ’n lekkere vent!”

“Schaam je, jij del. Hoe durf je”.

Maar Riekie hernam: “Moet je
luisteren, ik heb al diverse malen

met…”

Juist op dat moment kwam van Bokhoven
zelf ertussen: “Riekie,

stop ermee, je weet niet wat je zegt”.

Vader van Grimsbergen koos toen voor de
naar zijn mening op dat

moment meest gepaste oplossing. Hij nam
zijn dochter bij haar

haar mee naar de deur en lokte daarmee
weer een tegenactie uit

van van Bokhoven en zijn vrouw.

Het werd de scheldpartij van het jaar
voor het stadje Bokhoven.

Alleen was het op het laatst niet meer
duidelijk wie met wie

ruzie had.

Van Bokhoven had nog wel op het laatst
geroepen, dat hij de

kruidenier wel eens op een stille
plaats zou willen tegenkomen

en dat hij dan daarvan niets zou kunnen
navertellen

Dat nu had hij beter niet kunnen verkondigen.

“Dus u beweert de man niet meer te
hebben gezien na 2.00 uur

in de nacht van de 7de op de 8ste
juni”, vroeg de commissaris

met een strenge blik richting van
Bokhoven.

“Nee, nee en nog eens nee”
zei de arme man na zo’n drie uur

verhoor.

Maar het was bekend, dat u de vermoorde
niet zo erg graag mocht

en u hebt hem ook bedreigd!”

“Ja, het is waar, ik mocht de man
niet . lk heb in mijn woede ook

woorden van die strekking gezegd, maar
ik heb het niet gedaan.

lk heb van Grimsbergen niet vermoord!”

“““““““““““““““““

Er waren trouwens nog meer belastende
feiten voor van Bokhoven.

Zo was vlak bij het ontzielde lichaam zijn aansteker gevonden.

Riekie die door dit ongelukkige voorval
voortaan zoals ze zelf

tegen anderen zei, gedoemd was om
alleen te leven en te wonen,

zat in een niet al te sombere bui de
papieren na te kijken,

die de notaris die morgen bij haar had
laten bezorgen met als

aanhef op het begeleidende briefje “met innige deelneming”.

(c) Piet Eelants 1987